2: Eerste ervaringen   Leave a comment

We zijn inmiddels meer dan een maand in Nepal. Er gebeurt veel.

In het ziekenhuis is het een komen en gaan van gasten uit Duitsland; Interplast, huisartsen, tandartsen zonder grenzen, nu een ingenieur, volgende week een schisis-team (hazenlippen). De zon maakt meer uren na flinke tropische stormen en tegenover ons balkon veranderen de
rijstvelden langzaam in aardappelvelden. Mensen werken er lange dagen in knalrode, met goud afgewerkte gewaden tussen de lichtgroene oogst, in tropische zon of tropische regen. Het zicht op de bergen is mooi en onstuimig, zoals het weer.


De eerste aardbeving hebben we overleefd! (6.9 op de schaal van Richter, epicentrum 250 km ten oosten van ons). Een bijzondere ervaring. Vooral het diep donderende geluid waarmee dat gepaard ging en de dochter van de tandarts die naast mij heen en weer flopte tegen de achtergrond  van de keuken. Er zijn hier in Sankhu links en rechts wat gammele gebouwen ingestort maar op een paar doden na in de hoofdstad Kathmandu (bedolven onder de muur van de Britse ambassade) en een ziekenhuis dat onder luid gegil op zijn grondvesten trilde, is verder weinig gebeurd in deze omgeving. Doortje was erg geschrokken. De kleintjes die we zo snel mogelijk de trap af trokken hadden niets in de gaten. Bram riep enkel: “Kijk nou kijk nou, een harige rups mama!!” Had ie in z’n handjes fijngeknepen.





patientenhuis met was- en fysiotherapie afdeling

Wij wonen net buiten de drukte van de rokerige en kleurige hoofdstad Kathmandu, in een relatief schoon en grundlich opgezet ziekenhuisje waar gebouwtjes rond een gezellig grasveld en pleintje staan. Op dat gras liggen, lopen en spelen patiënten van alle leeftijden en hangen doeken en kledingstukken te drogen. Er staat een torenhoge (en in de zon loeihete) glijbaan waar je op eigen risico kennis kan maken met de zo beruchte brandwonden die we hier ondermeer behandelen. Aan dat pleintje ligt ook een restaurantje met bebloemd terras, waar tussen 6 uur ’s ochtends en 8 uur ’s avonds  de heerlijke nepalese gerechten geserveerd worden; Momo’s, allerlei scherpe soepen en Pappadan, noodles, gefrituurde deegkussens met groenten en vlees, etcetera. Een oase van geuren en lekkernij te midden van al die zieke patiënten, tropische vogels en als je pech hebt een hongerige aap.


Men kent hier een 6 daagse werkweek. Zaterdag noemen ze: Holiday! We werken zo’n beetje iedere dag; wonen en werken gaat in elkaar over. De perceptie van ons huis breidt zich geleidelijk aan uit van de keukendeur tot inmiddels voorbij de bewaker bij de ingang. We lopen we met gemak in 10 stappen naar de operatie- of patiëntenkamers heen en weer en wisselen elkaar waar nodig af.Voor Jan-Paul zijn advertenties in de hier omliggende dorpen gehangen met in het Nepalees zoiets als: “Voor al uw darmklachten, galstenen, liesbreuken of aambeien, dokter Paul helpt u!”





school tijd

Van 10-12 uur geven we school aan onze kinderen, met speelkwartier. Merel kleurt elke dag weer vol enthousiasme een konijn, koe of hond in. Bram werkt als een razende tel-, kijk- en vergelijkboekjes af, of verdiept zich in de dierenwereld van Nepal met in het bijzonder “de wilde Nederlandse koe”. Doortje bestudeert haar MAAN-VIS-ROOS-curriculum met de schoolboeken.


Het ziekenhuisterrein is voorzien van sfeervol ingerichte en met bloemen omgeven gastenverblijven allemaal met prachtig uitzicht ver over de vallei. Wij wonen in de directeurswoning; 3 kamers en een redelijke badkamer met bad waar we de kinderen onderdompelen in, soms warm, meestal bruin water. Het huis  heeft een mooi terras wederom met prachtig uitzicht. Daaronder is een grote keuken waar alle gasten met ons de  keuken delen. En daaromheen is een prachtige tuin voorzien van alle flora en fauna die je in Nepal krijgen kunt zoals prachtige grote vlinders, slangen maar ook voldoende bloedzuigers om de “gestuwde lappen” (reconstructies waarbij de terugstroom van bloed te traag gaat) van te voorzien! We beginnen te wennen aan de uit de kluiten gewassen insecten, spinnen en kakkerlakken die ’s morgens uit je toilettas sjezen.





uitzicht vanaf gastenverblijf

 

De elektriciteit valt nogal eens uit. Maar het ziekenhuis heeft een prima generator die het tot nu toe nog niet heeft laten afweten maar mocht dat wel gebeuren dan is dat alleen een probleem tijdens het opereren.


De 2 operatiekamers zijn redelijk goed uitgerust. Waarom het daar nu warmer is dan buiten begrijp ik niet. Misschien komt dat door de diathermie… De diathermie, het elektrische mes waarmee wij de vaten dichtschroeien (co-aguleren) is een apart verhaal. De pin ervan mag je met regelmaat uit de wond vissen. Iemand anders moet “peddelen” op het moment dat je coaguleert. Daarbij fluctueert hier de stroom zowel in snelheid als in de weg die hij neemt, dus na elke “Peddel!” is het weer een verrassing of je er levend uitkomt. Daarom opereren we veel met het mes of met een homp gazen om het handvat van het apparaat.





omgeving ziekenhuis

Door sommigen wordt een aanzienlijk deel van de operatietijd in de koffiekamer doorgebracht. Begrijpelijk, want zowel de ramen van de operatiekamers als dat van de koffiekamer heeft super mooi uitzicht over de bloemrijke vallei. Zo mooi zal het uitzicht uit een operatiekamer maar zelden zijn. En door datzelfde raam wordt iedere dag op onze kosten een schaal heerlijke nepalese koffie door een jongen van de ziekenhuiskroeg, naar binnen geschoven.


Onze kinderen zijn een bezienswaardigheid voor zowel de medewerkers van het ziekenhuis als de patiënten. De kinderen spelen graag met de patiëntjes. Als Doortje uiteindelijk zover is om op een potentieel vriendinnetje af te stappen na te hebben aangezien hoe haar broertje en zusje al de halve middag verstoppertje met patientjes lopen te spelen, moeten er eerst uitgebreid gefotografeerd worden.  Vriendinnetje, maar ook vader, moeder dan opa en oma, complete schoonfamilies moeten met de kinderen op de foto worden gezet. De Nepalezen zijn (ondanks de recente oorlog) vredelievend en dol op wangenknijperij bij kinderen. Doortje vraagt zich steeds af waarom ze dat nou doen, Bram schiet gillend onder een tafel bij het zien van de meest knijpgrage verpleegkundigen en Merel ondergaat gedwee de knijppartij om op een onbewaakt moment terug te nijpen. Gelukkig zijn de Nepalezen met wie we werken ook flink uit op lachen!


De mensen met wie we het meest werken zijn inmiddels voorzien van bijnaam en -geluid. Het is echt gezellig met ze. En dat is maar goed ook, want de pathologie is zwaar, nog zwaarder dan wij hadden gedacht. In dit ziekenhuis komen wekelijks ernstig verbrande kinderen binnen, soms zelfs door hun ouders verlaten omdat “de reparatiekosten” te hoog zijn of omdat ze de oogst moeten binnen halen. Heel naar, vreselijk echt. Vaak lastig om te accepteren en minstens zo lastig om goede oplossingen te bedenken en vervolgens te opereren. Dus het is goed dat Interplast hier zo nu en dan is en vooral erg leerzaam deze manier van werken. Er is net een team van Interplast vetrokken. Ze hebben goed werk geleverd. Alleen vroegen wij ons af waarom een gepensioneerd plastisch chirurg die uiteraard goed in zijn vak is, nog zoveel waardering nodig heeft terwijl hij minstens zoveel moeite heeft om het locaal personeel in haar waarde te laten. Weinig communicatie, veel afkeuring. Er was weinig ruimtevoor uitleg of discussie, al dwong ik de situatie daar wel toe. Wederom veel van geleerd maar ontwikkelingswerk kan ik het niet noemen. We hadden wel begrip voor het plezier waarmee het team door de artsen en verpleging werden uitgezwaaid.





centrale grasveld ziekenhuis

Er lopen hier 5 Nepalese artsen rond; 3 basisartsen en 2 lokale plastische chirurgen (deels in opleiding) die het hier moet gaan overnemen op afzienbaar termijn waaronder de directeur. Er is in Nepal geen echte opleiding tot plastisch chirurg. De opleiding van de directeur wordt door Interplast Duitsland gesponsord en hij is nu net terug van een 8 maanden durende cursus in Korea. Zij kunnen van ons leren omdat wij de ingrepen gegronder en in gevarieerder aanbod hebben geleerd. (Is al die theorie nog ergens goed voor geweest). Maar wij kunnen zeker ook van hen veel  leren gezien de pathologie waar zij routinematig mee geconfronteerd worden en de eenvoud van de omstandigheid.
Ze werken netjes, economisch en praktisch. Iedereen opereert veel. De verpleging verzorgt consequent en gegrond de wonden met de middelen die ze voorhanden hebben (en wij niet altijd kennen). Het is prima om te zien dat ander spul ook werkt. We hebben niet de neiging om onze gewoontes hier op te dringen. Wel bespreken we onze westerse methoden. Zo staan we open voor elkaars achtergrond en ideeën en leren we wederzijds. Van hygiëne kun je moeilijk spreken. Dat komt deels door de armoede maar het is waarschijnlijk ook onderdeel van de karakteristieke chaos van hier. Die is zowel op macroniveau (Kathmandu) als op microniveau (de dressingroom/verbandkamer) terug te vinden.





centrale pad ziekenhuis

Iedereen wil graag meewerken op de operatiekamers. Degene die thuis je bed opmaakt staat een uur later je patiënt van de operatietafel te trekken. Tijdens onderzoek komen uit hoeken en gaten mensen meegenieten. Iedereen zorgt ook goed voor elkaar binnen de ziekenhuismuren. De jonge patientjes alleen hier achterblijven zijn van iedereen.


Wij hadden er ook bijna een vierde kind bij. Toen we laatst moeder met kind een lift hadden gegeven terug uit bergachtig gebied, deed moeder een snelle maar tevergeefse poging haar kind in de auto terug te duwen terwijl zij uitstapte.


Een keer per week mogen onze kids een van hun DVD’s uitzoeken en die draaien we dan in de ziekenhuishal af voor de patiëntjes. De eerste was Jungleboek en die hadden we dan toevallig nog in Hindi ook!  Dat verstaan ze hier prima, een beetje zoals het duits-nederlands. Het
hele ziekenhuis komt dan met bed en al aangereden. De volwassenen hebben er minstens zoveel lol in als de kinderen. Onze kids kijken trots naar de nepalese patiënten die zich bescheuren om de meest simpele grappen waar die van ons allang genoeg van hebben. Hopelijk beseffen onze kinderen zich hoe bijzonder het is wat wij allemaal hebben en met welk gemak alles kan in onze maatschappij.


Ondanks of misschien wel dankzij de extreme armoede hier blijven mensen een soort tevreden uitdrukking op hun gezicht hebben en zoeken ze naar een reden om te lachen, te zwaaien en van heinde en verre “namaste!!! (goededag)” te roepen.






rivier en dorp bij ziekenhuis




gastenverblijf, deels onze woning




patienten (met rode hesjes) en familie




rijst oogsten, aardappelen planten




patienten




omgeving

Posted 12 oktober 2011 by Alice en Jan-Paul

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: